De early 00’s top tien albums

Die goede oude tijd: m’n zwager kwam flikflooien met m’n zus met z’n vetkuif én bracht muziek mee die gretig aftrek vond bij mij en mijn broertje. Inmiddels heb ik het idee dat ik de enige ben die is ‘blijven steken’ in dit genre. Met moeite vind ik vrienden die mee willen naar zo’n moshpit concert. Lukt dat niet, dan ga ik gewoon alleen. Dit jaar wordt een prachtjaar qua concerten: in januari zag ik Touché Amoré voor het eerst live in een obscuur Duits indoor skatepark, in mei zie ik Underoath na vele jaren weer in de Melkweg, in augustus metalcore giganten August Burns Red op dezelfde locatie en afgelopen week boekte ik Loud & Proud in Daaden, Duitsland waar ik oa Demon Hunter en Project 86 live gaan zien. Nice! Vandaag mijn 10 albums uit de early zero’s (2000-2005) toen ik 15-20 jaar was. Volgende week word ik 32.

Project 86 – Drawing Black Lines [2000]

Hier begon het allemaal mee. Terecht een 5-sterren review op JFH want dit is werkelijk een iconisch album! IJzersterke nummers die ook live zeer goed te pruimen zijn heb ik talloze keren mogen ervaren. Vooral de eerste drie nummers, kippenvel. Van harde opener Stein’s Theme naar het meer ‘radio-friendly’ nummer (en single!) One-Armed Man (Play On) naar het catchy Me Against Me. Favorieten zijn Sad Machines en Open Hand. De vaak sterke lyrics, zware bas gecombineerd met de bijna nasale zang van Andrew Schwab maken dit album tot een ware trip down memory lane. Bijna feilloos weet ik alle teksten van het gehele album. Project 86 maakte hierna nog vele album waarvan het nieuwste album in 2017 uitkomt. Zoals gezegd, eind dit jaar ga ik ze na vele jaren weer live zien. Nu al zin in!

P.O.D. – Satellite [2001]

Tja, wie kent de hit Alive van P.O.D. niet? Ze wisten ook Boom en Youth of the Nation succesvol over te brengen op de radio ten tijde van Korn en Linkin Park, ofwel de nu-metal. Ook dit album bevat zowel sterke nummers dat ik ‘em gerust steeds in z’n geheel luister. De meer hiphop en reggae georiënteerde nummers kunnen me alleen niet bekoren. Markante frontman Sonny Sandoval wist met zijn band nog vele albums te maken, maar evenaarde naar mijn mening nooit meer het niveau van dit meesterwerk. Vooral omdat de lyrics naar mijn smaak steeds goedkoper werden, tot op het gênante op de meest recente twee albums. P.O.D. is altijd (bewust) een outsider geweest in de christelijke muziek scene en helaas heb ik ze nooit live gezien. Persoonlijke favorieten zijn Set It Off, Ghetto en afsluiter Portrait. 4/5 sterren op JFH.

Blindside – Silence [2002]

Man, wat was ik blij toen ik jaren terug de kans kreeg Blindside eindelijk eens live te zien tijdens een Duits muziekfestival waar ik, samen met m’n broertje, ook o.a. Project 86 weer live zag. Net als laatsgenoemde band en P.O.D. is Blindside te omschrijven als hard rock / nu-metal  met soms een randje geschreeuw. Blindside heeft haar bekendheid voor een belangrijk deel te danken aan P.O.D. De markante ‘emo’ frontman Christian Lindskog verraste me door zijn sterke gastopreden in het nummer ‘Speak‘ van Everything in Slow Motion (voormalig Hands). Zijn zang herkende ik direct: van clean vocals die heel mooi ineens omslaan naar ‘screams’. Pas in 2011 werd het niveau van Silence (4.5/5 op JFH) geëvenaard met ‘With Shivering Hearts We Wait‘. Op Silence raad ik aan: opener Caught A Glimpse, Sleepwalking en de ingetogen afsluiter Silence.

Stavesacre – Stavz’a’ker [2002]

De vreemde eet in de bijt. De kans ze eens live te zien in Duitsland heb ik destijds aan me voorbij laten gaan (snif). Mark Solocom is ook anno nu geen onbekende in de christelijke muziekwereld. Alhoewel het album op JFH 2/5 sterren krijgt, was dit album (tegelijk met Collective uit 2001) mijn introductie in de rock van Stavesacre. En ik heb er talloze keren van genoten! Mark trekt nu nog mijn aandacht met zijn Never Was Podcast én dit jaar volgt na 7 jaar een nieuw album van ze: MCMXCV. Ook de zang van Mark is erg uitgesproken (wat is dat toch?) op het level van: you either love or hate it. Mijn favoriete nummers op dit album zijn Witch TrialBlind Hope en The Sad Parade. Net als P.O.D. had Stavesacre al een aardig repertoire tegen de tijd dat ik aanhaakte (Collective is een ‘best of’). Daarnaast was Mark al sinds 1986 frontman van The Crucified! Ouwe zak ;-)

The Showdown – A Chorus of Obliteration [2004]

Tweeduizendvier was jaar waarin de albums voor mijn gevoel overvloedig als appels aan de boom groeiden. Het genre zelf was in en onder leiding van vooral Tooth & Nail / Solid State Records wisten veel harde bands (metal(core), hardcore) in navolging van punkrock door te breken. Zo was daar ineens de band The Showdown met hun debutalbum A Chorus of Obliteration (JFH 4/5). Dit was andere koek: onvervalste metal met volop screams, growls & grunts. Opener A Monument Encased in Ash geeft een uitstekende voorproef van wat je te wachten staat op dit stevige album. Tel daarbij de verontrustende cover op en je hebt een ietwat twijfelende christelijke tiener. Qua teksten zat het gelukkig goed dus bleef ik dit album ‘draaien’ en draaien. Later ging deed The Showdown het wat rustiger aan. Ik mag graag nog eens draaien: Hell Can’t Stop Us NowEpic – A Chorus of Obliteration en uitstekende afsluiter Laid to Rest.

Underoath – They’re Only Chasing Safety [2004]

De ‘grootste’ band in dit lijstje is zeker Underoath. Alhoewel ik hun eerste werk niet best vond, mocht ik dit album errug graag luisteren. In mei zie ik ze live en dan spelen ze dit album ‘front-to-back’ evenals het latere ‘Define the Great Line‘. Ja, dat wordt een mooi concert. Jaren terug zag ik ze al eens in dezelfde Melkweg, net voordat drummer Aaron Gillespie er mee kapte. Dat optreden staat nog steeds in m’n top 3. Het sterke aan They’re Only Chasing Safety (4.5/5 op JFH) is de toegankelijkheid. Immers, harde gitaren en schreeuwende kerels spreken niet iedereen aan. Maar met meezingers als A Boy Brushed Red Living In Black and White, Reinventing Your Exit en It’s Dangerous Business Walking Out Your Front Door kan dit album werkelijk niks fout doen. De combinatie van Spencer en Aaron vocals werkt zeer goed. Addictive!

Emery – The Weak’s End [2004]

De vaste lezer hier weet dat ik een liefhebber ben van podcasts. Het begon allemaal met The BadChristian Podcast, gestart door Matt, Joey en Toby. In een ver verleden zat Joey ook in de band Emery, maar anno nu zijn het (oa) Matt en Toby. Ik herinner me nog precies dat het nummer Walls uitkwam. Ik zat toen al een paar jaartjes in dit genre en wist me niet goed raad met deze club gasten. Allemaal netjes gekleed, twee zangers en erg veel wisselingen in genres. Eigenlijk een rockband met een erg grote bek. Ook wel emo’s :) Maar het had (en heeft) iets, de muziek die ze  maken. Op JFH krijgt het album 3.5/5 sterren en zegt de reviewer “Emery is a band most people probably won’t dig; but if you are able to enjoy them, you will do so thoroughly.” Dat idee. Ik mag graag nog eens luisteren naar (uiteraard) Walls, Disguising Mistakes with Goodbyes en Under Serious Attack.

Becoming the Archetype – Terminate Damnation [2005]

Van het overwegend toegankelijke Underoath en Emery krijg ik meer en meer smaak naar het zwaardere werk. Terminate Damnation is niks minder dan snoeiharde metal. Vooral het (zang)talent en de, naar mijn smaak, complexe muziek maakt(e) dat ik dit album verslond. Een nummer van meer dan 10 minuten was compleet nieuw voor me. Maar in de metal scene houdt men wel van het lange (en ja, soms langdradige) werk. Het nummer Elegy luister ik nog steeds met regelmaat. Eén massieve golf aan goed geproduceerde muziek van getalenteerde muzikanten. Ik vind het nog steeds knap dat dit de kwaliteit van hun debutalbum is en de reviewer op JFH deelt die mening (4/5 sterren). De opvolger vond ik helemaal niks, maar het daarop volgende album Dichotomy dan weer wél (check: How Great Thou Art). Op dit album zijn aan te raden: Elegy, No Fall Too Far en The Trivial Paroxysm.

Demon Hunter – The Triptych [2005]

Dit is het derde album van Demon Hunter. De eerste twee had ik grotendeels aan me voorbij laten gaan door de grote hoeveelheid muziek die op me afkwam. Maar met The Triptych (4.5/5 op JFH) was dat niet mogelijk. Wát een sterk album. De muzikale stijl van Demon Hunter is onmiskenbaar Demon Hunter. Vaak harde coupletten met meer melodieuze refreinen. Wat mij betreft is Demon Hunter de uitvinder van de ‘metal balad’. Geschreeuw wisselt af met prima verstaanbare zang. Inmiddels zijn we vele albums verder en het meest recente Outlive komt op 31 maart uit! Jaren terug zag ik ze live in Apeldoorn en eind dit jaar zie ik ze wederom live, alleen moet ik er ditmaal vele kilometers voor afleggen, O, well.. De album covers van Demon Hunter albums zijn vaak even mooi als verontrusterend (doorhalen wat niet van toepassing is). Luisteren naar: Not IThe Soldier’s Song en Ribcage.

Dat was ‘em! Mijn top 10 en introductie in het zwaardere werk binnen het christelijke muziekspectrum. En daar ben ik altijd hopeloos in blijven steken. Heerlijk!

Renco Schoemaker

Renco Schoemaker

Blogger at geloofsvoer.nl
Renco is 32 jaar, man van Sara en vader van Joah (5) en Lotta (2). Hij was jeugdouderling in een Nederlands Gereformeerde kerk in Zwolle. Door de week adviseert hij over informatiebeveiliging en privacy. Daarnaast mag hij graag fietsen, hardlopen, tv series kijken en bloggen met zijn zwager Lennert. Luistert tot slot graag naar harde christelijke herrie.
Renco Schoemaker

Latest posts by Renco Schoemaker (see all)

Vorige blog
Volgende blog

Labels:, , , , ,

Laat een reactie achter

           

Copyright © Geloofsvoer.nl - 2013-2017

Logo Geloofsvoer.nl